De Twentse horeca floreert als nooit tevoren. Er zijn in ons land niet veel streken waar de verscheidenheid aan bedrijven - en de kwaliteit van die bedrijven - zo hoog is. Dat zeggen althans de Twentse hôteliers zelf. Twente zal Zuid-Limburg binnenkort naar de kroon steken, roepen zij eensgezind en enigszins stoutmoedig. Maar is het Twentse front wel zo hecht? De Duitse Gründlichkeit waar een aantal Twentse hôteliers prat op gaat, heeft nu al te lijden onder de Franse slag. Dat komt ervan, als je de bourgondische inslag - heel aantrekkelijk, dat wel - uit het zuiden importeert.
Om te beginnen zijn er natuurlijk overeenkomsten tussen Twente en Zuid-Limburg: allebei een prachtige natuur; allebei een grensstreek. De wandel- en fietsmogelijkheden zijn er schier onuitputtelijk. ’Beide streken kunnen bogen op hoogwaardige culinaire mogelijkheden,' zegt Dick Vollenga, directeur van het Dish-hotel in Enschede.
Strikker, directeur van hotel Bloemenbeek in De Lutte, is het daar (uiteraard) mee eens, maar hij plaatst er wel een kanttekening bij ten faveure van Twente: 'Je ziet dat veel hotelaccommodaties in Zuid-Limburg gebruik maken van de sterren die naburige restaurants hebben verdiend. Bij ons kun je in de hotels zelf uitstekend eten. Denk maar aan De Wiemsel in Ootmarsum; De Holtweijde in Lattrop; de Wilmersberg in De Lutte.’
Volgens Strikker zijn dat niet de enige verschillen: ’In Twente lopen we kwalitatief gezien voor op onze Limburgse vakbroeders. Hier proberen we alles met een Duitse Gründlichkeit te doen; in Zuid-Limburg zie je regelmatig de Franse slag. Dat nonchalante. Ik ben in gelegenheden geweest waarvan ik dacht: dat pikken we in Twente niet. In Limburg wordt het als "een goed product" verkocht. Ik heb het dan vooral over het interieur en de sfeer.’
Strikker mag dat zeggen, want hij heeft jaren lang in Zuid-Limburg gewerkt ’Ik heb veel kennis in het zuiden opgedaan, maar ik heb nu het gevoel dat we ze inhalen. Dat is niet erg. We kunnen prima naast elkaar opereren.’
Slaapfabriek
Brandriet, eigenaar van hotel het Wapen van Delden, hotel de Zwaan in Stad Delden en Golden Tulip hotel De Broeierd in Enschede, is minder geporteerd van de Twentse 'Duitsheid'. Hij herkent juist iets van de Maastrichtse bourgondische sfeer in Enschede. ’Er zijn veel overeenkomsten, maar aan een publiekstrekker als Maastricht kan Enschede absoluut niet tippen. Ik denk dat we de collega's in Limburg wel naderen, maar van evenaren is voorlopig geen sprake. Dat is een utopie.’
De heersende opinie in Twente is, dat sinds de komst van Hotel Hengelo (beter bekend als Van der Valk langs de A1) de prijzen worden gedrukt. Service en kwaliteit zijn er ondergeschikt aan de prijs. Mensen kiezen in groten getale voor deze zogenaamde slaapfabriek. Het hotel heeft een bezettingspercentage van ongeveer tachtig procent. ’De bijna spreekwoordelijke Twentse bescheidenheid geldt niet voor ons,' zegt financieel manager Heuker. 'We halen managers uit het westen en buigen zo die mentaliteit om. Andere hôteliers in Twente doen dat ook. Hoezo prijs en kwaliteit? We krijgen regelmatig gasten die vragen om een korting op de overnachtingsprijs, maar die korting zit bij ons al in de prijs. Wij zijn net zo commercieel als alle andere bedrijven. Wij begeven ons in praktisch alle segmenten, over de hele linie. Praat dan niet over verschillende doelgroepen en andere prijs/kwaliteitverhoudingen. Ik zie ze bij ons niet.’
De zwakste schakel
Volgens directeur Leurink, van Hotellerie De Holtweijde, speelt ook het achterland een belangrijke rol. 'Twente profileert zich wel als het hart van Europa, maar dat is een beetje vergezocht. Het is maar net waar je de passerpunt neerzet. Limburg heeft niet voor niets het drielandenpunt. Mensen gaan nu eenmaal eerder naar het zuiden. Wat zit er boven Twente? Drenthe, maar ook het Groningse platteland. Bovendien boogt Limburg op de nabijheid van België, volgens de Limburgse hôteliers de Keuken van Europa. Het is er wel prijzig, maar je krijgt ook absolute topkwaliteit. Het lijkt mij het beste dat de Twentse hôteliers gezamenlijk de gasten naar Twente lokken. Als ze hier eenmaal zijn, moeten we proberen ze vast te houden. In de eigen regio is het dan ieder voor zich.'
Volgens hoteleigenaar Brandriet, tevens secretaris van het Hotel Overleg Twente (HOT), verwacht Leurink te veel van het samenwerkingsverband. ’Je houdt altijd kritiek; je kunt het niemand volledig naar zijn zin maken. Het is wel een feit dat we ons vooral op drie-, vier- en vijfsterrenaccommodaties richten. Dan zijn er veel belangengroeperingen. Vergeet overigens niet dat sinds de realisatie van HOT de bedbezetting in Twente met nogal wat procenten is gestegen. Dus zo slecht doen we het nog niet.’
’Samenwerking is net zo sterk als de zwakste schakel,’ zegt Strikker voorzichtig. ’De markt is er; nu het aanbod nog. De laatste jaren zie je de ontwikkeling van veel kleine bedrijfjes. Ze onderscheiden zich door kwaliteit en prijsbewustzijn. Zij weten zich zo te ontpoppen tot relatief grote, goed georganiseerde hotels. Samenwerking is altijd een middel; het mag nooit een doel zijn. Kwaliteit komt vanzelf bovendrijven. Je weet toch als hotel wat je gasten willen. Het gaat om een goede mix van medewerkers, product, gasten en wat je zelf wilt. Verfijning in die samenwerking zie ik niet zo zitten.’
Oase
Horeca Nederland stelt zich diplomatiek op: 'Er is in ons land ruimte voor een zogenaamde en-en-situatie. Twente kan best de hoogste positie innemen, als deze wordt gedeeld met Zuid-Limburg. De vijver is groot genoeg. Mensen kiezen hun vakantiebestemming vaak impulsief en op irrationele gronden. Dat maakt hotelgasten soms lastig te bevatten; zeker als het een midweekarrangement of een lang weekeinde betreft.
In Twente wordt intussen groot belang gehecht aan de A1. Deze verkeersader heeft er voor gezorgd dat de mensen uit de Randstad, met welgevulde portefeuilles, binnen anderhalf uur kunnen genieten van de Twentse oase van rust. Golfbanen, anti-stressweekeinden en geen
vliegtuig-, verkeer-, of treinkabaal.
’We zijn sterk genoeg. We hebben een eigen uitstraling,’ vindt Strikker. ’Dat is onze kracht en daarop bouwen we verder.'