Professioneel met een jeugdig elan

Auteur: Jason van de Veltmaete
6 februari 2008
Professioneel met een jeugdig elan Fotografie: NFP Fotografie

Een jongeling die voor een dosis of 'shot' Nederlandse cultuur naar het Stayokay-hostel in de Indische Buurt van Amsterdam reist, zal misschien ten prooi vallen aan enige verwarring. Banketbakkerij Yakhlaf, Furkan huishoudelijke artikelen, kapsalon Saïdi, Bollywood Plaza... Zelfs aan het Indische verleden herinnert enkel Café Insulinde - en de straatnamen natuurlijk. Maar in het hostel versmelt inheems met uitheems, Europees met exotisch; volgens een vertrouwde traditie.

De traditie waarvan we reppen, is natuurlijk die van de jeugdherbergen. Stayokay mag bogen op een bijna tachtigjarig verleden waarin eigenlijk continu de hoogst denkbare prijs of 'award' behaald werd: de sympathie van de gasten. Wie heeft vroeger niet zijn rugzak op het stapelbed van een NJHC-herberg gemikt, verheugd veilig onder dak te zijn? Wie heeft vroeger niet zijn boterham met pindakaas gesmeerd - en wellicht zelfs aardappels geschild - temidden van avontuurlijke, 'verwilderde' tieners uit alle windstreken? Nu misschien een vijfsterrenhotel, maar toen... Ach ja, toen we nog jong waren... 

Met de tijd mee

Marijke Schreiner is nog maar drie weken algemeen directeur van Stayokay, op het moment dat dit artikel tot stand komt, dus we verleggen - alle nostalgie ten spijt - de focus van het verleden naar het heden en de toekomst. En het is eigenlijk heel passend dat zij direct in een helemaal nieuw hostel-plus-hoofdkantoor terecht gekomen is: een voormalige monumentale school (met klokkentoren) aan het Timorplein in Amsterdam.

Toch nog even wat geschiedenis. In 1909 werd in Duitsland (het land van de Wandervögel) de eerste jeugdherbergorganisatie opgericht. Dat fenomenale idee 'wanderde' naar, of sloeg over op andere landen. 'Op wakkere jeugd! Met heldenmoed den frisschen dag begonnen!' riep een van onze dichters ooit, dus Nederland bleef niet achter. De NJHC werd hier in de twintiger jaren opgezet, waarbij eigenlijk de verzuiling al een beetje vervaagde.

De protestantse, de katholieke en de socialistische zuil werden even veronachtzaamd tijdens de onschuldige samenzang of ondeugende uitwisseling van ervaringen, maar de scheiding der geslachten werd natuurlijk nog wel bewaakt: er was een jongensslaapzaal en een meisjesslaapzaal. Elke jeugdherberg had immers een 'vader' en een 'moeder'.

De voorganger van Marijke Schreiner vond vier jaar geleden dat de jeugdherbergen met hun tijd mee moesten gaan. De Nederlandse jeugd trok immers naar low-budgethotels in Salou, bepakt met zwembroekjes, nachtcluboutfits en Durex. Hoe konden de vervreemde jongelingen teruggewonnen worden? Allereerst door zelf ook over de grenzen te kijken. (De landsgrenzen; dat verstaat zich.) Het huidige Stayokay, met dertig hostels in Nederland, is daarom aangesloten bij Hostelling International. 'Via die organisatie krijgen wij veel gasten binnen,' zegt Schreiner. 'En dat zijn al lang niet meer louter jongeren. Vandaar dat slaapzalen echt niet meer voldoen. De vele gasten die in familieverband bij ons boeken, hebben behoefte aan twee-, vier- of zespersoonskamers met eigen sanitair. Voor onze nieuwe kamers zijn stapelbedden ontwikkeld waarvan je het bovenste bed naar beneden kunt halen, waardoor het een tweepersoonsbed wordt.'

Functioneel

Een hostel is weliswaar budgetaccommodatie, maar volgens Schreiner mag er niet getornd worden aan properheid en functionaliteit. En de medewerkers moeten - net als in het beste hotel - vriendelijk en behulpzaam zijn. De combinatie van goedkoop en professioneel heeft zich als een succesformule bewezen. Schreiner: 'Het merk Stayokay heeft inmiddels stevige vormen aangenomen. Qua naamsbekendheid doen we tegenwoordig echt mee in de markt; we hoeven bijna niemand meer te herinneren aan de NJHC. En doordat een groot deel van de Nederlandse hotellerie de afgelopen jaren enthousiast aan het "upgraden" is gegaan, hebben we onze unieke positie min of meer in de schoot geworpen gekregen. Welke keuze heeft de rugzaktoerist nog? We hebben natuurlijk welbewust op die ontwikkeling ingespeeld, en het heeft ook geholpen dat onze hostels uniek gelegen zijn, op fraaie plekjes in steden en in de vrije natuur. De kamers in een Stayokay-hostel zijn echt basic: er is een douche; er is een toilet; we hebben beddengoed voor de gasten; handdoeken kunnen we desgewenst verstrekken; zeep en shampoo kun je bij ons voor een gering bedrag kopen... Gewoon functioneel dus. Als je iets vergeten bent mee te nemen, dan helpen we graag. De kamers hebben geen tv en geen minibar; dat blijft zo. Voor tv-kijken en een drankje kan men in de gezamenlijke ruimtes terecht. Die moeten er wel - net als de kamers - leuk uit zien; daar zijn we nu druk mee bezig.'

In Rotterdam is sinds kort een Stayokay-hostel gevestigd in een paar van de beroemde kubuswoningen; dat is tekenend voor de moderne uitstraling van de voormalige jeugdherbergenorganisatie. Ook voor wat betreft 'uniforme identiteit' is Stayokay een echte keten geworden. Het 'er leuk uit zien' waar Schreiner over sprak, is geen kwestie geweest van een kwastje verf hier en daar. Edward van Vliet (SEVV) heeft een nieuwe formule voor het interieur van de hostels ontwikkeld. Het nieuwe interieur moet de identiteit van Stayokay weerspiegelen. Deze bestaat uit vijf vlakken: gastvrijheid (een warm welkom), samen (ontmoetingen in een ongedwongen sfeer), dynamisch en actief (wederzijdse inspiratie), diversiteit (een brede doelgroep met veel verschillende wensen) en kwaliteit (een beleving die je bijblijft). Voor elk hostel zijn de kleur en materiaalaccenten in het interieur afgestemd op de eigen 'regio': Kust en water, City of Groene omgeving. Alleen de Stayokay-kleur (oranje) ontrekt zich aan overwegingen van 'couleur locale'; zij is overal prominent aanwezig.

Franchise

Laten we als voorbeeld een van de oudere vestigingen nemen: Stayokay Arnhem. Dit hostel heeft 181 bedden, verdeeld over 2 tweepersoons-, 12 vierpersoons-, 4 zespersoons- en 15 zevenpersoonskamers. Alle kamers beschikken over een douche en toilet. Faciliteiten: Engelse pub, restaurant, lounge, terras, tuin, internetdesk, 4 vergaderzalen, volleybalveld, basketbalveld, tafeltennistafel, poolbiljart, wasservice, fietsverhuur. Een arrangement van drie dagen (85 euro voor volwassenen) ziet er zo uit: tweemaal overnachting plus ontbijt; tweemaal diner; één dag fietshuur en een entreekaart voor Burgers' Zoo (met Bush, Ocean en Desert). Voor leden - Stayokay heeft er ruim 40.000 - gelden uiteraard kortingen.

Zoals reeds vermeld, heeft Stayokay 30 vestigingen (de NJHC had 70 kleine gebouwen). Van deze 30 exploiteert de keten er 26 zelf; de overige 4 zijn franchisenemers. Stayokay is een stichting, en eigenlijk is er sprake van twee stichtingen: de gebouwen (soms wordt er gehuurd) zijn van de beheerstichting; de andere stichting doet de exploitatie.

De hostelmanagers zijn in dienst van Stayokay, maar toch 4 franchisenemers... In hoeverre is het mogelijk voor een hotelier die geen behoefte heeft aan marmeren badkamers, om zich aan te sluiten bij deze keten? 'Daar zijn we momenteel over aan het nadenken,' antwoordt Schreiner bedachtzaam. 'We zijn nog echt bezig met het ontwikkelen van de formule: de nieuwe inrichting, een f&b-concept, een geweldig reserveringssysteem... Maar er zijn plaatsen in Nederland waar we graag willen zitten - misschien nog niet met een eigen hostel... Als daar een bestaand bedrijf echt binnen onze formule past, kan ik mij voorstellen dat we een franchisemodel uit gaan werken...'

In 2008 wordt een nieuw strategisch plan ontwikkeld, dus een kleine terugblik is hier op zijn plaats. De afgelopen twee jaar heeft Stayokay fors geïnvesteerd: het kasteel in Heemskerk (Slot Assumburg) is - middels een grootscheepse verbouwing - geschikt gemaakt voor gezinnen; op Texel is een indrukwekkend hostel neergezet; in Maastricht, Amsterdam en Sneek is een nieuw hostel gerealiseerd; het hostel in Noordwijk is gerenoveerd en in Rotterdam is het bestaande hostel verhuisd naar de kubuswoningen. Voor alle dertig hostels probeert Stayokay het Europese Ecolabel te verkrijgen. Verder is het opleidingsprogramma Stayalive van start gegaan, evenals het 'forecastmodel', waarmee voor de hele keten de bezetting te voorspellen is, en waarmee de ontwikkeling van de reserveringen van dag tot dag te voorspellen is. Een centralisatie van het reserveringssysteem en het nieuw opgezette 'Contact Center' hebben ervoor gezorgd dat de boekbaarheid en de bereikbaarheid aanzienlijk zijn verbeterd.

Vergaderen

De Stayokay-hostels zijn sinds 2005 gegroepeerd in clusters: City; Kust en water; Groene omgeving. De managers van deze hostels komen, onder leiding van de Manager Operations (één voor elke cluster), maandelijks bij elkaar om ervaringen uit te wisselen, marketing & sales activiteiten te bespreken en zaken met betrekking tot de bedrijfsvoering te behandelen. Een professioneel opererende keten dus.

De voordelen van zo'n keten? Met inbegrip van het reserveringssysteem weet Schreiner een aardige opsomming te geven. 'Een hotelier zit tegenwoordig gevangen in een web van regels, voorschriften en richtlijnen; ben je bij een merk aangesloten, dan kun je elkaar  adviseren en helpen. Vergeet ook de inkoopvoordelen niet. Bovendien worden allerlei dingen voor je bedacht; daar hoef je dus zelf geen tijd aan te besteden. Ondersteuning van marketing; gezamenlijke arrangementen... Je moet je er wel in thuis voelen, want de keten heeft ook regels en richtlijnen, teneinde het merk sterk te houden. Wij hebben natuurlijk kwaliteitsbewaking, en die wordt dit jaar behoorlijk uitgerold.'

Dat brengt ons naar de pan met aardappels - de 'NJHC-pan' die er niet meer is. 'We zijn keuzemenu's aan het ontwikkelen,' meldt Schreiner. 'Hoe gaan we koken? Wel of niet convenience, bijvoorbeeld. We zijn ons terdege bewust van het belang van een goed f&b-concept, maar de vestigingen verschillen nogal van elkaar - denk maar aan de locatie. In de stad gaat iedereen de deur uit. Overigens is à la carte voor ons geen optie; het is een vastgesteld menu of een buffet.'

De keukenmessen liggen nog op de tekentafel, zogezegd. Dat geldt niet voor de in leer gevatte schrijfblokken en dure vulpennen: de vergadertijgers uit het bedrijfsleven weten al lang dat menig Stayokay-hostel goed geoutilleerde zaaltjes in het aanbod heeft. De centrale marketingafdeling van Stayokay buigt zich over het totale pakket van de keten, aldus Schreiner, maar de hostelmanagers en hun mensen zoeken bij hen in de buurt naar vergadergroepen die functionaliteit belangrijker vinden dan een ambiance met veel cachet.

En over cachet gesproken... Marijke Schreiner was de eerste vrouwelijke general manager van een vijfsterrenhotel (tegenwoordig NH Amsterdam Center). 'Ik ben een hotelkind,' vertelt zij met een bijna verontschuldigende glimlach. 'Mijn ouders hadden een hotel in de buurt van Roermond. Ik ben op mijn negentiende naar de hotelschool in Den Haag gegaan; vervolgens Golden Tulip, NH en Hampshire Hotels. Toen een zijstapje: ik heb een preventiecentrum opgezet voor mensen met een verhoogde kans op hart- en vaatziekten, maar in wezen was dat niet zo heel veel anders. Ook daar had ik te maken met een à la carte restaurant, sportfaciliteiten en diverse afdelingen. Zodra evenwel de kans zich voordeed om leiding te gaan geven aan Stayokay, greep ik deze; vanuit het besef dat ik toch het liefst binnen de hotellerie werkzaam ben.'

Binnen NH is zij opgeklommen tot GM - op haar achtentwintigste. Bestaat er een groot cultuurverschil met Stayokay? Marijke Schreiner schudt haar hoofd op een manier die verraadt dat zij de vraag (te) vaak gehoord heeft. 'Waar het mij om gaat is de professionaliteit en de prijskwaliteitverhouding. Dan maakt het mij heel weinig uit of ik een bedrijf run binnen het vijfsterrensegment of binnen het segment budgetaccommodatie. Het moet gewoon kloppen, of we moeten het kloppend kunnen maken. En de bedrijfscultuur moet goed aanvoelen. Bovendien moet je affiniteit hebben met het product. Stayokay... Het is voor mij gewoon een cadeau, dit bedrijf!'

302008

Fotografie: NFP Fotografie

Overig nieuws